Zaagsel
Tegenwoordig ligt ook houtstook onder vuur, aangezien hierbij beslist schadelijke stoffen vrijkomen. Niettemin is er een vrij gunstige manier gevonden om auto’s op hout te laten rijden.

Gekozen is voor een grootschalige aanpak. De Nederlandse bedrijven TechnipFMC en BTG-BTL bouwen een fabriek waar houtafval wordt verwerkt en doen dat in Zweden, dat ook prima kan worden aangeduid als land van de 1.000 bossen. Dat komt van pas. TechnipFMC is een toeleverancier voor olieproducenten en BTG-BTL maakt brandstof van biomassa.

De fabriek gaat houtafval verwerken, jaarlijks 35.000 tot 40.000 ton zaagsel. In hoeveel liter brandstof dat resulteert wordt niet duidelijk, maar het zou voldoende zijn om 15.000 auto’s op te laten rijden. Er wordt gewerkt met een techniek die pyrolyse heet. Door het droge houtresidu te verhitten tot een temperatuur van 500 graden Celsius ontstaat ruwe olie. In de natuur vindt iets dergelijks ook plaats, maar dan duurt het miljoenen jaren voor olie ontstaat. De olie wordt vervolgens geraffineerd en gemengd met andere brandstoffen, zowel fossiel als bio. Het gaat dus niet om zuivere “houtbrandstof” die aan de pomp wordt verkocht. Wel wordt voldaan aan de Europese regelgeving, die bepaalt dat voor brandstof ten dele hernieuwbare bronnen moeten worden gebruikt.

De Nederlandse bedrijven zijn een nauwe samenwerking aangegaan met de Zweedse houtindustrie. De fabriek opent naar verwachting in 2021 en komt te staan bij de houtzaagmolen Kastet, eigendom van houtverwerker Setra. Het gaat om een locatie op ongeveer 170 kilometer ten noorden van Stockholm.

De terugkeer van rijden op hout was eerder al voorspeld. Ook heeft kunstenaar en avonturier Joost Conijn een kleine twintig jaar geleden een auto gemaakt van hout, die ook gebruik maakt van hout als brandstof. Het blijft een materiaal dat vele gebruiksdoelen heeft.


Meer lezen over: , , , ,

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om reacties te posten.