In januari van dit jaar stelde de Europese Commissie voor om een plafond voor het gebruik van eerste generatie biobrandstoffen in transport in te stellen. Dit voorstel lijkt op de tekentafel te sneuvelen.

Oorzaak is kritiek vanuit de voorbereidende raadswerkgroepen, waarin verschillende lidstaten hebben aangegeven niets in zo’n plafond te zien. Zij hebben aangegeven niet aan de doelstelling van 10 procent hernieuwbare energie in de transportsector te kunnen voldoen als zij geen gebruik mogen maken van eerste generatie biobrandstoffen.

Biobrandstof ten koste van voedsel

De Commissie heeft voorgesteld het gebruik van eerste generatie biobrandstoffen aan banden te leggen omdat de uiteindelijke CO2-reductie die hiermee bereikt zou worden in twijfel wordt getrokken. Eerste generatie biobrandstoffen zouden namelijk gaan concurreren met voedingsmiddelen om dezelfde grondstoffen.

Lees ook: Biobrandstoffen vaak minder groen dan gedacht

Oerwouden onder druk

Ook zou het zogenaamde ‘Indirect Land Use Change’ (ILUC) in de hand werken. ILUC is het effect dat toenemende vraag naar grondstoffen voor brandstoffen, dezelfde grondstoffen als voor voedingsmiddelen, boeren in (met name) de derde wereld ertoe aanzet om meer te gaan produceren. In bepaalde gevallen wordt dan geproduceerd op plaatsen waar bijvoorbeeld oorspronkelijk oerwouden stonden. Door het verdwijnen van deze oerwouden wordt direct minder CO2 aan de atmosfeer onttrokken.

Lidstaten verdeeld

Een aantal lidstaten heeft aangegeven het EU-voorstel te steunen. Eén van deze lidstaten is Nederland, zoals reeds in deze Kamerbrief door het kabinet is aangekondigd. Maar gebleken is dat in ieder geval Polen, Hongarije en Tsjechië niet dezelfde mening zijn toegedaan. Zij beschouwen ILUC vooral als een probleem van niet-EU-landen zonder duurzame agrarische sector.

Daarnaast geven verschillende lidstaten aan de doelstelling van 10 procent hernieuwbare energie in de transportsector niet te kunnen voldoen als zij geen gebruik mogen maken van eerste generatie biobrandstoffen.

Verdere proces

In april van dit jaar zal het voorstel van de Europese Commissie tijdens een informele Energieraad (raad van ministers die verantwoordelijk zijn voor het energiebeleid in hun lidstaat) besproken worden. In juli van dit jaar zal de verantwoordelijke commissie binnen het Europees Parlement over het voorstel spreken. Ook zal binnen deze commissie een voorbereidende stemming plaatsvinden.


Meer lezen over: , , ,

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om reacties te posten.